Netto inkomen berekenen 2026
Vul je loon, je huis, je kinderen, je leaseauto en je aftrekposten in. Dan zie je wat je per maand overhoudt: je nettoloon, dat van je partner en al je toeslagen bij elkaar.
Laatst gecontroleerd 20 okt 2026
Goed om te weten
- Vul je brutoloon per maand in zonder vakantiegeld. Krijg je vakantiegeld, kies dan Ja: dat telt mee voor je belasting en je toeslagen.
- Een leaseauto kost je twee keer: je betaalt belasting over de bijtelling, en je inkomen voor de toeslagen stijgt, dus je krijgt minder toeslag. Onder de uitkomst zie je wat de auto je per maand kost, met de belasting en de toeslag apart. Reken de auto zelf uit met bijtelling berekenen.
- Hypotheekrente, lijfrente en persoonsgebonden aftrek werken ook twee keer: je betaalt minder belasting, en je inkomen voor de toeslagen daalt, dus je krijgt meer toeslag. Het eigenwoningforfait over je WOZ-waarde telt juist op bij je inkomen.
- Je nettoloon per maand is hier een gemiddelde over het jaar. Je aftrekposten krijg je pas terug via je aangifte of een voorlopige aanslag.
- Voeg je kinderen toe met hun geboortemaand en hun opvang. Ze tellen mee voor het kindgebonden budget, de huurtoeslag en de kinderopvangtoeslag. Elke toeslag staat ook apart op toeslagen berekenen.
- Vul je uren per week in. Onder de uitkomst zie je in een grafiek wat je overhoudt bij 16 tot 40 uur, en waar een extra uur het minst oplevert.
- Wil je minder of meer werken, of weten wat je leaseauto je echt kost? Kies Vergelijk met een andere keuze. Je brutoloon gaat mee met je uren, en per regel zie je het verschil.
- De rekenhulp rekent met een heel jaar in loondienst, met dezelfde situatie, en alleen inkomen uit werk en woning. Inkomen uit box 2 of box 3 telt hij niet mee.
Veelgestelde vragen
Van je brutoloon gaan belasting en premies af, min je heffingskortingen. Heb je een leaseauto, dan betaal je ook belasting over de bijtelling. Aftrekposten verlagen je belasting. Daarna komen je toeslagen erbij. Op deze pagina zie je elke stap.
Je toetsingsinkomen is meestal je verzamelinkomen. Voor loon is dat je jaarloon met vakantiegeld, plus de bijtelling van een leaseauto en het eigenwoningforfait, min je hypotheekrente en je andere aftrekposten. Heb je een toeslagpartner, dan tellen jullie inkomens samen. Deze pagina rekent het voor je uit.
Tel je inkomen uit werk en woning bij elkaar op: je loon, de bijtelling en het eigenwoningforfait. Trek daar je hypotheekrente, je lijfrentepremie en je persoonsgebonden aftrek van af. Inkomen uit box 2 en box 3 komt erbij, maar dat rekent deze pagina niet mee.
Wat je overhoudt om uit te geven: je nettoloon plus je toeslagen, min wat je de kinderopvang betaalt. De kinderopvangtoeslag gaat namelijk naar de opvang. Op deze pagina is dat het bedrag bovenaan, voor jou en je partner samen.
Ja, als je inkomen dit jaar hoger uitkomt dan het inkomen dat je opgaf bij Dienst Toeslagen. Na je aangifte stelt Dienst Toeslagen je toeslag vast en vraagt het te veel betaalde terug. Is dat per toeslag niet meer dan € 121, dan hoef je het niet terug te betalen. Kies bij Moet je toeslag terugbetalen? voor Ja en vul het inkomen in dat je opgaf. Verdiende je eerder dit jaar anders, vul dan ook je loon tot nu toe in. Dan zie je per toeslag wat je terugbetaalt of bijkrijgt.
Je brutoloon daalt, maar je betaalt ook minder belasting en je krijgt soms meer toeslag. Kies bij Vergelijk met een andere keuze voor Ja en vul je nieuwe uren in. Dan zie je naast elkaar wat je nu overhoudt en wat je dan overhoudt.
Bronnen
- Wet inkomstenbelasting 2001, art. 2.10 lid 1 (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-12)
- Premie volksverzekeringen (toelichting aangifte 2026), premiepercentages en maximum premie-inkomen (versie 2026-10-12, gecontroleerd 2026-10-12)
- Wet inkomstenbelasting 2001, art. 8.10 lid 2 (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-12)
- Wet inkomstenbelasting 2001, art. 8.11 lid 2 (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-12)
- Minimum 8%: Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag, art. 15 lid 1 (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-12)
- Wet inkomstenbelasting 2001, art. 3.112 lid 1 (versie 2026-02-21, gecontroleerd 2026-10-13)
- Percentage 71,867%: Wet inkomstenbelasting 2001, art. 3.123a lid 2 (versie 2026-02-21, gecontroleerd 2026-10-13)
- Percentage 11,94%: Wet inkomstenbelasting 2001, art. 2.10 lid 2 (versie 2026-02-21, gecontroleerd 2026-10-13)
- MaximaalAftrektarief 37,56%: Minder aftrek voor uw eigen woning als u een hoog inkomen hebt (Belastingdienst), Beperking hypotheekrenteaftrek als u een hoog inkomen hebt (versie 2026-10-13, gecontroleerd 2026-10-13)
- MaximaleLooptijdMaanden 360: Wet inkomstenbelasting 2001, art. 3.119a lid 1 onderdeel b (versie 2026-02-21, gecontroleerd 2026-10-13)
- Vrijstelling € 207.500,00: Wet inkomstenbelasting 2001, art. 10bis.6 lid 1 (per persoon; met fiscale partner elk, art. 10bis.11a) (versie 2026-02-21, gecontroleerd 2026-10-19)
- Wet op de loonbelasting 1964, art. 13bis lid 1 (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-13)
- Overgang 25%: Wet op de loonbelasting 1964, art. 36c lid 1 (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-13)
- Termijn 60: Wet op de loonbelasting 1964, art. 13bis lid 18 (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-13)
- Ik ben werknemer en rijd privé in een auto van de zaak - wat is mijn bijtelling?, tabellen bijtelling per datum 1e toelating, volledig elektrische auto, waterstofauto en zonnecelauto (versie 2026-10-13, gecontroleerd 2026-10-13)
- Vanaf21 € 932,93: Wet op de huurtoeslag, art. 13 lid 1 onderdeel a (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-13)
- Jonger € 498,20: Wet op de huurtoeslag, art. 13 lid 1 onderdeel b (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-13)
- Leeftijd 21: Wet op de huurtoeslag, art. 13 lid 1 onderdeel a onder 1 (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-13)
- Bedrag € 252,49: Wet op de huurtoeslag, art. 17 lid 2 (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-13)
- VerlagingEenpersoons € 1,82: Wet op de huurtoeslag, art. 17 lid 3 onderdeel a (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-13)
- VerlagingMeerpersoons € 3,63: Wet op de huurtoeslag, art. 17 lid 3 onderdeel b (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-13)
- Opslag € 0,00: Wet op de huurtoeslag, art. 16 (redactionele noot: per 1 januari 2023 € 0, Stb. 2022, 528) (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-13)
- Verlaging € 48,15: Wet verlaging eigen bijdrage huurtoeslag, art. 1 onderdeel c (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-13)
- Kwaliteitskortingsgrens € 498,20: Wet op de huurtoeslag, art. 20 lid 1 (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-13)
- Laag € 713,02: Wet op de huurtoeslag, art. 20 lid 2 onderdeel a (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-13)
- Hoog € 764,14: Wet op de huurtoeslag, art. 20 lid 2 onderdeel b (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-13)
- TotKwaliteitskortingsgrens 100%: Wet op de huurtoeslag, art. 21 lid 1 onderdeel a (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-13)
- TotAftoppingsgrens 65%: Besluit op de huurtoeslag, art. 7 lid 1 (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-13)
- BovenAftoppingsgrens 40%: Besluit op de huurtoeslag, art. 7 lid 2 (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-13)
- Eenpersoons € 23.425,00: Regeling huurtoeslaggrenzen 2026, art. 3 onderdeel a (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-13)
- Meerpersoons € 31.500,00: Regeling huurtoeslaggrenzen 2026, art. 3 onderdeel b (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-13)
- Eenpersoons 27%: Wet op de huurtoeslag, art. 21 lid 2 onderdeel a (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-13)
- Meerpersoons 22%: Wet op de huurtoeslag, art. 21 lid 2 onderdeel b (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-13)
- Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen, art. 7 lid 3 (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-13)
- Medebewoner € 38.479,00: Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen, art. 7 lid 4 (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-13)
- Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen, art. 7 lid 6 (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-13)
- MinimumPerJaar € 24,00: Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen, art. 14 lid 5 (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-20)
- Doelmatigheidsgrens € 121,00: Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen, art. 26a lid 1: een terug te vorderen bedrag van niet meer dan 121 euro wordt niet teruggevorderd (versie 2026-10-01, gecontroleerd 2026-10-20)
- Drempelinkomen € 29.736,00: Berekening zorgtoeslag 2026 (Dienst Toeslagen, TG 082 - 1Z62FD), stap 3: het drempelinkomen is voor 2026 vastgesteld op 29.736 (Wet op de zorgtoeslag art. 1 lid 1 onderdeel f; de Wet op het kindgebonden budget, art. 1 lid 1 onderdeel d, gebruikt hetzelfde drempelinkomen) (versie 2026-10-20, gecontroleerd 2026-10-20)
- Standaardpremie € 2.119,00: Berekening zorgtoeslag 2026 (Dienst Toeslagen, TG 082 - 1Z62FD), stap 1: de standaardpremie is voor 2026 vastgesteld op 2.119 (Wet op de zorgtoeslag art. 4) (versie 2026-10-20, gecontroleerd 2026-10-20)
- Alleen 1,912%: Wet op de zorgtoeslag, art. 2 lid 3: verzekerde zonder partner, percentage van het drempelinkomen (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-20)
- Partner 4,289%: Wet op de zorgtoeslag, art. 2 lid 3: verzekerden met een partner, percentage van het drempelinkomen (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-20)
- Afbouw 13,73%: Wet op de zorgtoeslag, art. 2 lid 3: percentage van het toetsingsinkomen boven het drempelinkomen (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-20)
- PartnerNietVerzekerd 50%: Wet op de zorgtoeslag, art. 2 lid 4: partner die geen verzekerde is (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-20)
- Alleen € 146.011,00: Wet op de zorgtoeslag, art. 3 lid 1: rendementsgrondslag zonder partner (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-20)
- Partner € 184.633,00: Wet op de zorgtoeslag, art. 3 lid 1: gezamenlijke rendementsgrondslag met partner (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-20)
- Leeftijd 18: Wet op de zorgtoeslag, art. 1 lid 1 onderdeel c: verzekerde vanaf de eerste dag van de maand na de maand waarin hij achttien jaar wordt (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-20)
- PerKind € 2.580,00: Wet op het kindgebonden budget, art. 2 lid 2: per kind (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-20)
- AlleenstaandeOuder € 3.416,00: Wet op het kindgebonden budget, art. 2 lid 6: verhoging voor de ouder die geen partner heeft (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-20)
- Verhoging12 € 724,00: Wet op het kindgebonden budget, art. 2 lid 3 en 4: kind van 12 tot 16 jaar, vanaf de maand na de 12e verjaardag (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-20)
- Verhoging16 € 964,00: Wet op het kindgebonden budget, art. 2 lid 5: kind van 16 of 17 jaar, vanaf de maand na de 16e verjaardag (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-20)
- Verhoging12 12: Wet op het kindgebonden budget, art. 2 lid 3 (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-20)
- Verhoging16 16: Wet op het kindgebonden budget, art. 2 lid 5 (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-20)
- Einde 18: Wet op het kindgebonden budget, art. 2 lid 1: tot en met de maand waarin het kind 18 wordt (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-20)
- Afbouw 7,6%: Wet op het kindgebonden budget, art. 2 lid 7 en 8 (art. 3 lid 5 onderdeel a: 7,60% met ingang van 1 januari 2026) (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-20)
- DrempelOpslagPartner € 9.405,00: Wet op het kindgebonden budget, art. 2 lid 8: het drempelinkomen verhoogd met dit bedrag, voor een ouder met partner (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-20)
- Alleen € 146.011,00: Wet op het kindgebonden budget, art. 1 lid 4: rendementsgrondslag zonder partner (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-20)
- Partner € 184.633,00: Wet op het kindgebonden budget, art. 1 lid 4: gezamenlijke rendementsgrondslag met partner (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-20)
- Afbouw 8,05%: Wet op het kindgebonden budget, art. 3 lid 5 onderdeel b: 8,05% met ingang van 1 januari 2027 (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-20)
- PerKind € 66,00: Wet op het kindgebonden budget, art. 3 lid 7 onderdeel b: verhoogd met € 66 met ingang van 1 januari 2027 (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-20)
- AlleenstaandeOuder € 0,00: Wet op het kindgebonden budget, art. 3 lid 6: geen wijziging in 2027 (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-20)
- Afbouw 8,5%: Wet op het kindgebonden budget, art. 3 lid 5 onderdeel c: 8,50% met ingang van 1 januari 2028 (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-20)
- PerKind € 48,00: Wet op het kindgebonden budget, art. 3 lid 6 onderdeel b (− € 20) en lid 7 onderdeel c (+ € 68), met ingang van 1 januari 2028 (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-20)
- AlleenstaandeOuder € -20,00: Wet op het kindgebonden budget, art. 3 lid 6 onderdeel b: verlaagd met € 20 met ingang van 1 januari 2028 (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-20)
- Dagopvang € 11,23: Besluit kinderopvangtoeslag, art. 4 lid 1 onderdeel a (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-20)
- Bso € 9,98: Besluit kinderopvangtoeslag, art. 4 lid 1 onderdeel b (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-20)
- Gastouder € 8,49: Besluit kinderopvangtoeslag, art. 4 lid 1 onderdeel c (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-20)
- MaxUrenPerMaand 230: Besluit kinderopvangtoeslag, art. 8a lid 1 onderdeel a: per kind per kalendermaand (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-20)
- Besluit kinderopvangtoeslag, bijlage I, kinderopvangtoeslagtabel 2026: toetsingsinkomen vanaf (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-20)
- Besluit kinderopvangtoeslag, bijlage I: vergoedingspercentage eerste kind (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-20)
- Besluit kinderopvangtoeslag, bijlage I: vergoedingspercentage volgend kind (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-20)
Verwante rekenhulpen
- Bruto netto berekenenReken je brutoloon om naar netto per maand en per jaar, met loonheffing, heffingskortingen en vakantiegeld. Elke stap staat erbij.
- Toeslagen berekenenBereken al je toeslagen in één keer: huurtoeslag, zorgtoeslag, kindgebonden budget en kinderopvangtoeslag. Zie direct wat meer inkomen je kost.
- Bijtelling berekenenBereken de bijtelling van je auto van de zaak, ook elektrisch. Met belasting, eigen bijdrage en de heffingskorting die je verliest. Elke stap staat erbij.
De uitkomst is indicatief. Je kunt er geen rechten aan ontlenen.