Maandlasten hypotheek berekenen 2026
Vul je hypotheek, de rente, de WOZ-waarde van je huis en je inkomen in. Je ziet wat je bruto per maand betaalt, en wat je na renteaftrek in het eerste jaar netto kwijt bent.
Laatst gecontroleerd 13 okt 2026
Goed om te weten
- Het netto bedrag geldt voor het eerste jaar, met de belastingregels van 2026. Daarna betaal je elk jaar minder rente en trek je minder af.
- Vul de WOZ-waarde in van de beschikking die je begin 2026 van je gemeente kreeg. De peildatum daarvan is 1 januari 2025.
- Verdien je meer dan € 78.426? Over het deel daarboven betaal je 49,5% belasting, maar je rente trek je af tegen hoogstens 37,56%.
- De rekenhulp telt je heffingskortingen niet mee. Door de aftrek daalt je inkomen, en dan kan je algemene heffingskorting stijgen. Je voordeel is dan hoger dan hier staat.
- Met een fiscale partner mag je de aftrek samen verdelen. De rekenhulp rekent voor één persoon en zet alle aftrek bij het inkomen dat je invult.
- Rente aftrekken mag alleen als je de lening in hoogstens 30 jaar aflost, annuïtair of lineair. Voor een hypotheek van vóór 2013 gelden andere regels, en die kent de rekenhulp niet.
- Betaal je in een jaar minder rente dan je eigenwoningforfait? Dan mag je 71,867% van het verschil aftrekken. Over de rest betaal je belasting, en je netto maandlast komt boven je bruto uit.
- Een hypotheek in delen reken je per deel uit. Tel daarna de bruto bedragen op. De netto bedragen kun je niet optellen, want het eigenwoningforfait telt dan in elk deel mee.
Veelgestelde vragen
Bruto betaal je rente en aflossing. De rekenhulp rekent elke maand met een twaalfde van de jaarrente over wat je nog schuldig bent. Wat je aflost hangt af van de vorm: bij een annuïteitenhypotheek staat het maandbedrag vast, bij een lineaire hypotheek de aflossing. Netto is dat bedrag min het belastingvoordeel van je renteaftrek. Hierboven zie je elke stap.
Bruto is wat je elke maand aan de bank betaalt, rente en aflossing samen. De rente mag je aftrekken van je inkomen, en daardoor betaal je minder belasting. Netto is bruto min dat voordeel. Met de bedragen waarmee de rekenhulp begint, scheelt het € 328,77 per maand.
Tel de rente van het hele jaar op en haal het eigenwoningforfait eraf. Dat forfait is 0,35% van de WOZ-waarde bij een huis tussen € 75.000 en € 1.350.000. Wat overblijft gaat van je inkomen in box 1 af. Je betaalt daardoor minder belasting, hoogstens 37,56% van dat bedrag. Deel dat voordeel door twaalf: zoveel gaat er per maand van je bruto bedrag af.
Dat hangt af van je rente en je looptijd. Bij 4% rente en een annuïteitenhypotheek van 30 jaar betaal je bruto € 1.432,25 per maand. Met een WOZ-waarde van € 400.000 en een inkomen van € 60.000 is dat in het eerste jaar netto € 1.103,48. Lineair begin je bruto op € 1.833,33, en dat bedrag daalt elke maand.
Bij een annuïteitenhypotheek betaal je elke maand hetzelfde bruto bedrag. Dat bedrag is rente plus aflossing. Elke maand los je iets meer af en betaal je iets minder rente, tot je aan het eind van de looptijd niets meer schuldig bent. Leen je € 300.000 voor 30 jaar tegen 4%, dan is van je eerste maandbedrag van € 1.432,25 nog € 1.000,00 rente. Met de rente daalt ook je aftrek.
Deel je lening door het aantal maanden van de looptijd. Zoveel los je elke maand af. Daar komt de rente van die maand bij. Leen je € 300.000 voor 30 jaar tegen 4%, dan los je elke maand € 833,33 af. In de eerste maand betaal je daarbij € 1.000,00 rente, samen € 1.833,33. Je schuld daalt elke maand, dus je rente en je maandbedrag dalen mee. Over de hele looptijd betaal je zo minder rente dan bij een annuïteitenhypotheek. Wissel hierboven van hypotheekvorm en je ziet wat het in de eerste maand scheelt.
Bij aflossingsvrij betaal je alleen rente. Die zie je hierboven in de stap Bruto per maand: het is de rente van de eerste maand. Het netto bedrag kun je niet gebruiken, want de rekenhulp gaat ervan uit dat je aflost. Sinds 2013 mag je de rente van een nieuwe lening alleen aftrekken als je aflost. Bij een oudere aflossingsvrije hypotheek mag het nog, hoogstens 30 jaar lang.
Bronnen
- Wet inkomstenbelasting 2001, art. 2.10 lid 1 (versie 2026-01-01, gecontroleerd 2026-10-12)
- Premie volksverzekeringen (toelichting aangifte 2026), premiepercentages en maximum premie-inkomen (versie 2026-10-12, gecontroleerd 2026-10-12)
- Wet inkomstenbelasting 2001, art. 3.112 lid 1 (versie 2026-02-21, gecontroleerd 2026-10-13)
- Percentage 71,867%: Wet inkomstenbelasting 2001, art. 3.123a lid 2 (versie 2026-02-21, gecontroleerd 2026-10-13)
- Percentage 11,94%: Wet inkomstenbelasting 2001, art. 2.10 lid 2 (versie 2026-02-21, gecontroleerd 2026-10-13)
- MaximaalAftrektarief 37,56%: Minder aftrek voor uw eigen woning als u een hoog inkomen hebt (Belastingdienst), Beperking hypotheekrenteaftrek als u een hoog inkomen hebt (versie 2026-10-13, gecontroleerd 2026-10-13)
- MaximaleLooptijdMaanden 360: Wet inkomstenbelasting 2001, art. 3.119a lid 1 onderdeel b (versie 2026-02-21, gecontroleerd 2026-10-13)
Verwante rekenhulpen
- Bruto netto berekenenReken je brutoloon om naar netto per maand en per jaar, met loonheffing, heffingskortingen en vakantiegeld. Elke stap staat erbij.
- Annuïteit berekenenBereken het vaste maandbedrag van je lening. Je ziet je rente en aflossing per maand in het aflossingsschema, met een lineaire lening ernaast.
De uitkomst is indicatief. Je kunt er geen rechten aan ontlenen.